Types aandoeningen | Doorbloedingsstoornis

Cerebrovasculair accident (CVA) is de medische term voor een beroerte. Beroertes worden grofweg ingedeeld in hersenbloedingen en -infarcten. Een hersenbloeding ontstaat als er een bloedvat in de hersenen openbarst. Bij een herseninfarct is er sprake van een blokkade van een bloedvat in de hersenen. Een herseninfarct ontstaat door een verstopping van een slagader die naar de hersenen toegaat waardoor een deel van de hersenen geen suiker (glucose) en zuurstof krijgt. Een langdurige verstopping kan leiden tot onherstelbare schade. Behalve van een beroerte kan ook sprake zijn van een TIA: Transient Ischaemic Attack. Dit is een tijdelijke doorbloedingsstoornis in de hersenen. Een TIA lijkt op een beroerte, maar gaat snel weer voorbij, meestal binnen een half uur. TIA's kunnen een voorbode zijn van een echte beroerte.

Veruit de belangrijkste risicofactor voor het krijgen van een herseninfarct is de leeftijd. Hoe ouder des te groter de kans op een beroerte. Andere belangrijke risicofactoren zijn: een verhoogde bloeddruk, gestoorde glucosetolerantie, roken en overmatig alcoholgebruik.

Hoe kun je een beroerte herkennen?

De symptomen van een herseninfarct tijdens de acute fase kunnen zeer verschillend zijn. Dit is vooral afhankelijk van de plaats van de beschadiging in de hersenen en de grootte van het gebied waar de bloedtoevoer gestoord is. Veel voorkomende gevolgen van een beroerte zijn: verlammingen (meestal halfzijdig), uitval van het gezichtsveld, problemen met spreken (afasie), stoornissen in denkvermogen, stoornis in ruimtelijk inzicht, slikproblemen en incontinentie.

Met de FAST-test (Face Arm Speech Test) zijn de klachten bij een beroerte herkenbaar. 
Face (gezicht): vraag aan de persoon om te lachen of de tanden te laten zien. Als de mond scheef staat of een mondhoek naar beneden hangt, kan dit duiden op een beroerte. 
Arm (arm): vraag aan de persoon om beide armen op te tillen en voor zich uit te strekken met de binnenzijde van de hand naar boven. Als een arm wegzakt of rondzwalkt, kan dit duiden op een beroerte. Vraag ook aan de persoon om de ogen te sluiten, dit vermijdt dat men visueel (met de ogen) gaat corrigeren als een arm begint weg te zakken. 
Speech (spraak): vraag aan de persoon of aan omstanders of er verandering in het spreken is opgetreden. Als de persoon onduidelijk begon te spreken of niet meer uit de woorden kon komen, kan dit duiden op een beroerte. Ook kunt u de persoon vragen tot tien te tellen; wanneer hij cijfers herhaalt, verkeerd uitspreekt of bij een bepaald cijfer blijft steken, kan dit het gevolg zijn van een beroerte.

Cerebrale ischemie of doorbloedingsstoornissen van de hersenen

Cerebrale ischemie of cerebrale doorbloedingsstoornissen zijn volledige of gedeeltelijke obstructies van de doorbloeding van de hersenen. Men onderscheidt hierbij een acute vorm (beroerte, infarct, “stroke” of CVA (cerebrovasculair accident)) en een meer chronische vorm van doorbloedingsstoornis (hypoperfusie).

Bij patiënten met hypoperfusie krijgt een gedeelte van de hersenen niet voldoende bloed, maar wel net voldoende zodat de hersenen niet afsterven. Hierdoor is er sprake van een minder goed functioneren van de hersenen. Indien de doorbloeding nog kritischer wordt (bijvoorbeeld bij inspanning of te lage bloeddruk) kan dit een blijvende beschadiging aan de hersenen geven in de vorm van een beroerte.

Een cerebrale hypoperfusie wordt meestal veroorzaakt door een afsluiting van één of meerdere hoofdslagaders naar het hoofd door vb. vaatwandverkalking (atherosclerose) of vernauwingen in de bloedvaten. De symptomen die hierbij kunnen optreden zijn vb. voorbijgaande blindheid aan één oog, halfzijdige verlamming, een scheef gelaat, moeilijkheden bij het spreken en een licht gevoel in het hoofd.

De diagnose wordt vaak gesteld door een combinatie van cerebrale angiografie, CT en of een MRI waarbij naar de doorbloeding van de hersenen wordt gekeken middels een contrastvloeistof.

De cerebrale doorbloedingsstoornis kan in principe op elke leeftijd voorkomen, echter deze treden voornamelijk op bij patiënten ouder dan 50 jaar, zowel bij mannen als vrouwen. Het risico hierop is groter wanneer men rookt, diabetes (suikerziekte) en in het algemeen aangetaste bloedvaten heeft.

De behandeling bestaat in eerste instantie uit het innemen van medicatie zoals bloedverdunners (aspirine) zodat de bloedplaatjes minder snel klonteren. Soms is een enkele vernauwing van de hoofdslagader van de hals de oorzaak en kan deze worden behandeld met een stent plaatsing of een operatieve ingreep. Ook zeer plaatselijke vernauwingen in het hoofd kunnen met een stent worden open gemaakt. Een stent is een open metalen buisje met mazen welke via het bloedvat wordt ingebracht door de interventionele neuroradioloog. In enkele gevallen kunnen er toch nog blijvende symptomen bestaan van doorbloedingsstoornissen en kan men een cerebrale bypass (overbrugging) overwegen. Deze bypass wordt verricht onder algehele narcose door middel van een operatie. De opzet van de behandeling is om de doorbloeding in het gebied van de hersenen te verbeteren door een verbinding te maken tussen slagaders van buiten naar slagaders binnen in het hoofd. In de meeste gevallen wordt een oppervlakkige slagader die op het voorhoofd loopt gebruikt. Deze wordt middels een klein luikje aangesloten op één van de hersenslagaders die zich op het oppervlak van de hersenen bevinden.